zaterdag 15 mei 2010

Maak van de slaapkamer weer een rustpunt


Als je niet weet waar te beginnen met opruimen, dan is je slaapkamer altijd een goed startpunt. De slaapkamer is een belangrijke ruimte in je huis, een plek waar je tot rust komt en waar je intieme momenten beleeft met je partner.

Het kost je dus heel wat als die ruimte rommelig is. Je kunt je minder goed ontspannen, omdat je steeds allerlei spullen ziet waar je nog iets mee moet. Zeker als je toch al de neiging hebt om te piekeren, geeft een onopgeruimde slaapkamer je daarvoor des te meer aanleiding.
Alle reden dus om je slaapkamer op te ruimen.

Vijf stappen om van je slaapkamer weer een rustpunt te maken:

- Gebruik je slaapkamer niet als opslagplaats
Haal alle spullen er uit die er ‘tijdelijk’ opgeslagen liggen en breng ze naar de ruimte waar ze wel horen: de schuur of de zolder. Ook speelgoed van de kinderen hoort niet in de slaapkamer, maar in hun eigen kamer.

- Ruim je kleding op
Kleding hoort in een kast als het schoon is en in de wasmand als het vuil is. Het hoort zeker niet op de grond van je slaapkamer, op een hoek van het bed of aan je slaapkamerdeur. Berg kleding op waar het hoort. Je kunt trouwens best een gesloten wasmand in de slaapkamer zetten, als je dat makkelijk vindt. Een lastig punt is kleding die je een keer gedragen hebt en die niet schoon meer is, maar ook nog niet vuil genoeg voor de wasmand. Reserveer daar een apart deel van je kast voor, zodat je weet dat het gedragen is. Laat het eventueel eerst even luchten, maar geef het daarna een plek, net zoals je andere kleding.

Heb je meer kleding dan kasten? Kijk dan of er iets weg kan, de meeste mensen dragen maar een deel van hun kleding. Of sla je wintergoed zolang ergens anders op. Passen er echt bijna geen kasten in je slaapkamer? Zorg dan voor een bergplek elders, maar laat je kleding niet rondslingeren in je slaapkamer.

- Zorg dat de vloer leeg is
Liggen er nu nog spullen op de vloer van je slaapkamer? Haal die er af en geef ze een plek buiten je slaapkamer. Het liefst berg je ze natuurlijk op waar ze horen. Maar als je dan toch een rommelkamer hebt, zorg dat het in elk geval niet je slaapkamer is.

- Houd je nachtkastje overzichtelijk
Je nachtkastje is bedoeld voor wat spulletjes die je bij de hand wilt hebben: je wekkerradio en je lipbalsem, je bril en een boek, waarin je leest voordat je gaat slapen. Je kunt je pantoffels er onder zetten. Misschien ligt er een schrijfblokje en een pen voor je nachtelijke ingevingen. Maar dat zou het zo ongeveer moeten zijn.

Dat betekent dat er geen stapels boeken op je nachtkastje liggen en al helemaal geen agenda of werk. Haal alles wat niet in of op je nachtkastje hoort weg en hou alleen die spullen bij de hand die er horen.

- Gebruik de ruimte onder je bed, maar wel gepland
De ruimte onder je bed is een prima opslagplaats, maar niet om alles klakkeloos onder te gooien. Zorg dat er dozen of lades zijn, waar je spullen in opbergt die je niet zo vaak nodig hebt: reserve-dekbedden, kleding die je momenteel niet draagt (nu dus je winterkleding) of de kerstspullen. Laat geen losse spullen onder je bed zwerven.

- Een administratie- of werkplek in je slaapkamer
Als het niet nodig is, doe dan geen administratie of werk in je slaapkamer. Alleen als het echt niet anders kan, kun je hiervoor een tafeltje of bureau inrichten. Zorg dan dat het meubelstuk zelf zoveel mogelijk uit het zicht is. Gebruik een gordijn of een kamerscherm. Als dat niet kan, zorg dan in elk geval dat alle losse spullen uit het zicht zijn in een lade of een doos. Laat geen papieren of andere spullen slingeren en zorg dat het bureaublad leeg is. Maak het zo rustig mogelijk.


Nu kun je lekker het raam openzetten, je beddengoed luchten of verschonen en vanavond heerlijk rustig naar bed gaan.

zaterdag 1 mei 2010

Wat Modriaan en Kandinsky je vertellen over organizing


Afgelopen week ben ik naar het Haags Gemeentemuseum geweest. Daar is een tentoonstelling met schilderijen van Kandinsky. Ik ben duidelijk niet de enige die zijn schilderijen mooi vindt, want er stond een hele rij voor de kassa.

Nadat ik de Kandinsky’s had bekeken, ging ik nog even langs ‘de Mondriaans’, een andere favoriet van me. In dat deel van het museum was bijna niemand. En zo had ik de Victory Boogie Woogie voor mezelf alleen. Misschien kun je je dat schilderij nog herinneren? In de jaren tachtig was we veel om te doen, omdat het voor iets van 80 miljoen gulden werd aangekocht. (klik hier om de Victory Boogie Woogie te bekijken: http://www.gemeentemuseum.nl/index.php?id=031845).

Ik vertel dit verhaal omdat het een paar handige lessen bevat die je kunnen helpen beslissen als je een aankoop wilt doen:

- Ervaringen zijn belangrijker dan dingen
Die mensen die in de rij stonden hadden goed begrepen dat een ervaring meer impact heeft dan een ding. Oftewel: iets doen is beter dan iets kopen. Een ervaring onthou je namelijk een hele tijd, zeker als het iets nieuws of bijzonders is. Je kunt vooraf al voorpret hebben en achteraf kun je je uitstapje herbeleven, je kunt er van nagenieten en erover vertellen aan andere mensen.

Als je iets koopt, kun je daar natuurlijk ook veel plezier van hebben, maar meestal raak je er snel aan gewend. Als je voor het eerst een afwasmachine hebt of een HD-recorder, dan ben je daar ontzettend blij mee. Maar na een tijdje ben je er aan gewend wat het apparaat voor je doet en erger je er aan dat er maar zo weinig in de afwasmachine kan of denk je dat je toch meer geheugen voor je recorder had moeten kopen. Bij belevenissen is die gewenning veel minder.

- Je hoeft iets niet te hebben om er van te genieten
Bij de meeste van de schilderijen in het Gemeentemuseum moet ik er zelfs niet aan denken om ze zelf te bezitten. Stel je voor dat je een kostbaar schilderij in huis hebt, zou je daar nog van kunnen genieten als je je constant zorgen maakt over de beveiliging en de verzekering? Persoonlijk moet ik er niet aan denken. Ik betaal liever de toegang tot het museum en laat alle zorgen over aan een ander. Op kleinere schaal is dat precies wat je doet als je dingen leent: boeken, dvd’s, gereedschap en andere apparaten, maar ook een galajurk kun je prima lenen of huren. Je hoeft je geen zorgen te maken over onderhoud of opslag, je gebruikt het en je brengt het daarna weer terug. Doe dit vooral bij dingen die je niet vaak of eenmalig gebruikt.

- Doe niet mee met de massa
Doordat iedereen zich verdrong bij de schilderijen van Kandinsky, kon ik vrijwel alleen genieten van de Mondriaans. Vaak is het zinvol om niet met de massa mee te doen: koop kerstspullen na kerst, ga overdag naar de film, ga doordeweeks naar een dierentuin of pretpark, ga zomers in de tuin zitten en geniet van de stilte in je woonplaats. Je bespaart vaak een heleboel tijd en geld. Kortingsacties zijn ook niet altijd gunstig: vermijd dolle, dwaze dagen en je doet geen impulsinkopen.

Om het kort en krachtig samen te vatten: het bezit van de zaak is het eind van het vermaak. Denk daaraan als je de volgende keer in de rij staat bij de kassa.

maandag 26 april 2010

Hou jezelf voor de gek en bereik meer


Iedereen heeft het druk, maar als kleine ondernemer heb je eigenlijk nooit rust. Er is altijd wel iets te doen. Natuurlijk geef je jezelf regelmatig vrij, jij bent namelijk de enige die dat kan doen. Maar veel dingen wil je gewoon doen, die zijn belangrijk voor je bedrijf: een e-book schrijven, een workshop ontwikkelen, een promotie-actie bedenken. Dat kun je niet zo makkelijk uitbesteden en bovendien vind je het ook leuk.

Als ik het druk heb, dan merk ik zelf ook dat ik leuke dingen minder leuk ga vinden. Ik ben druk, maar die geplande workshop komt er wel aan. En de nieuwsbrief wil ik echt de eerste van de maand versturen, maar dan moet er wel iets instaan. Waar zou ik nu weer eens over schrijven en wanneer doe ik dat? Eigenlijk heb ik helemaal nergens zin meer in en wil ik met mijn benen omhoog op de bank CSI kijken. Maar daar krijg ik later spijt van, eigenlijk heb ik nu wel tijd.

Herken je deze innerlijke dialoog een beetje? Je wilt iets doen wat eigenlijk best leuk is en het is ook eigenlijk verstandig om het nu te doen. Maar eigenlijk heb je nu geen zin en geen inspiratie. En eigenlijk weet je best dat dat gewoon een smoes is.

Wat ik dan doe is mezelf voor de gek houden. Dat kan namelijk. Ik zeg tegen mezelf: ik hoef alleen maar een onderwerp te bedenken voor de nieuwsbrief, ik hoef alleen maar een opzet te maken voor de workshop, laat ik even wat andere nieuwsbrieven doorlezen, misschien kom ik dan op iets. Maar dat is het enige wat ik hoef te doen.

Ik weet best dat dat niet het enige is. Maar ik weet ook dat dat artikel zo geschreven is, als ik eenmaal een onderwerp heb. En als ik een opzet heb voor die workshop, dan bedenk ik daar ook wel werkvormen bij. Want als je eenmaal begonnen bent, dan neem je meestal de volgende stap ook wel. En voor je het weet ben je vergeten dat je geen zin had en ben je gewoon lekker aan het werk.

Het gekke is, ik weet heel goed dat ik mezelf voor de gek hou, maar toch werkt het. Als ik mezelf vertel dat ik alleen maar de eerste stap hoef te nemen, dan gelooft mijn brein dat blijkbaar. En op die manier krijg ik een hoop gedaan. Een beetje dom, maar wel makkelijk.

woensdag 21 april 2010

Als ik het wegdoe heb ik het net nodig


Veel mensen hebben moeite om dingen weg te doen en daardoor is hun huis veel te vol geworden. Als ze dan een keer genoeg moed verzameld hebben en iets weg doen, dan lijkt het wel alsof ze het de week daarna net nodig hebben. Vervolgens durven ze helemaal niets meer weg te doen. Hoe zou dat komen? Ik heb drie redenen kunnen vinden:

1. Selectieve waarneming

- je denkt aan dit voorwerp omdat je het net in je handen hebt gehad en daarom zie je er een gebruiksmogelijkheid voor.
- je doet veel dingen weg die je nooit meer nodig hebt, maar er zijn er een paar die je vlak daarna inderdaad had kunnen gebruiken. Die paar vallen veel meer op dan de rest en die onthoud je dus ook.

Als dit je niet overtuigt, dan is er misschien iets anders aan de hand:

2. Je hebt gelijk

Als je iets wegdoet dan blijkt vaak later dat je het nog nodig hebt. In dat geval vind je het blijkbaar moeilijk om onderscheid te maken tussen dingen die weg kunnen omdat je ze niet gebruikt en dingen die je nog wel gebruikt. Verzin dan een objectief systeem om bij te houden wat je wel en niet gebruikt en sorteer daarna pas wat je wegdoet. Bijvoorbeeld kledinghangers omdraaien, papier stippen, alles in een doos stoppen of er juist uit halen als je het gebruikt.

Het is ook mogelijk dat je onvoldoende tijd neemt om te beslissen wat je weg wilt doen. Als je dan een keer aan het opruimen bent, dan ga je in je opruimwoede zo aan de slag dat je ook dingen wegdoet die je nog nodig hebt. In dat geval is het verstandig om steeds kleine beetjes op te ruimen en niet twee keer per jaar als een tornado door je huis te rennen. Bedwing die neiging en hou het beperkt tot bijvoorbeeld een uur of ruim per keer één kamer op.

3. Het gaat om een waarde, niet om de spullen

Je gevoel over die paar dingen die je onterecht wegdoet is zo sterk dat daar een waarde achter zit, die je misschien onvoldoende naar voren laat komen of erkent. Hou dan een tijdje in welke situaties je het erg jammer vindt dat je iets weg hebt gedaan (of denkt terug aan een paar van die situaties).

Dat kunnen bijvoorbeeld situaties zijn waarin je een ander had kunnen helpen als je dat stuk gereedschap, meubelstuk of folder nog had gehad. Je vindt het belangrijk om mensen te helpen. Dat is een prima eigenschap, maar die hangt niet zozeer af van spullen. Vraag je dan af hoe je ‘mensen helpen’ meer in je leven kunt integreren.

donderdag 1 april 2010

Durf te vragen


Ik ben nu al een tijdje bezig om een boek te schrijven, samen met Sonja Buijs. In dat boek beschrijven we onder andere dat er verschillende opruimtypes zijn, met verschillende opruimstijlen. Als het je niet lukt om opgeruimd te blijven, dan heb je waarschijnlijk je eigen stijl nog niet gevonden.

Er zijn dus veel wegen naar een opgeruimd huis. Maar er zijn ook overeenkomsten, dingen die je altijd helpen, ongeacht je opruimstijl. Bij alle opruimstijlen is er één belangrijke vaardigheid die je verder helpt: hulp vragen.

Om één of andere reden vinden veel mensen dit moeilijk, ikzelf ben geen uitzondering. Maar ik leer het steeds beter, bijvoorbeeld bij het schrijven van ons boek. Als ik het even niet meer weet, dan ga ik niet eindeloos zitten denken of veranderen op de vierkante millimeter. Ik zeg gewoon tegen Sonja dat ik het even niet meer zie, dat dit is hoever ik gekomen ben. Waar heb je anders een co-auteur voor? En dat werkt uitstekend. Een frisse blik geeft altijd nieuwe inzichten en daardoor kom je altijd een stap verder. Ik ben er van overtuigd dat het schrijven van het boek in mijn eentje meer dan twee keer zo lang zou duren en dat het maar half zo goed zou worden.

Dat geldt in veel gevallen: het gaat sneller en het resultaat is beter als je om hulp vraagt. Verstandelijk weten de meeste mensen dat ook wel. Maar toch heb je ergens ook de overtuiging dat het niet hoort om om hulp te vragen. Omdat je je eigen problemen op moet lossen, omdat je anderen niet lastig valt, omdat iedereen het al druk genoeg heeft, omdat hulp vragen zwak is, omdat het jouw verantwoordelijkheid is, omdat je het nou eenmaal beloofd had en beloftes, die hou je. Omdat, omdat…

Zo heeft iedereen een eigen reden om niet om hulp te vragen. En niet te vergeten is ons ingeprent dat kinderen die vragen worden overgeslagen. Maar hoe reageer je zelf als iemand je om hulp vraagt? Meestal vind je het helemaal niet erg, soms streelt het zelfs je ijdelheid. Oké, het komt je niet altijd goed uit en dan zeg je dat gewoon. Maar je vindt het waarschijnlijk nooit raar dat iemand iets aan je vraagt.

En als je zelf iets vraagt, wat is dan het ergste dat je kan gebeuren? Dat iemand nee zegt? Dat iemand je niet wil helpen? Nou, dan vraag je het toch gewoon aan een ander? Trouwens, hoe moeten anderen ooit weten waar je behoefte aan hebt, als je het niet gewoon vraagt? De meeste mensen kunnen geen gedachten lezen, dus als je je mond niet open doet, gebeurt er niets. Kortom: durf te vragen! Je zult verbaasd staan over het resultaat.

maandag 15 maart 2010

Maak ruimte voor de lente


Eindelijk begint het een beetje naar lente te voelen en te ruiken, buiten. Voel je ook de lente al? Om deze tijd van het jaar heb ik altijd een grote behoefte om ruimte te maken. Vorige maand schreef ik over de schoonmaak. Deze keer wil ik het hebben over ruimte maken.

De lente is een nieuw begin en dat betekent volop ruimte voor nieuwe dingen: nieuwe bloemen en planten komen op en krijgen de ruimte om te bloeien. Dat geldt niet alleen voor je tuin, maar ook voor jezelf. Om nieuwe dingen te laten groeien is wel ruimte nodig. Vier tips om ruimte te maken voor nieuwe activiteiten en ideeën:

1.Ruim je zolder op
Daar liggen vaak resten van oude activiteiten en onafgemaakte dingen. Vloerbedekking die je al niet meer hebt, gordijnstof die beschimmeld is, stukjes hout en koffers die je niet meer gebruikt, het kan allemaal weg.

2.Ruim je schuur op
In de winter heb je de schuur misschien vol gezet met kapotte fietsen en ongebruikt gereedschap. Maar daardoor kun je niet eens meer bij de tuinstoelen. Als het maar even mooi weer is kun je alle ongebruikte en kapotte spullen uit de schuur halen. Neem nu een beslissing en repareer ze of doe ze weg. Als het dan echt mooi weer is, kun je ontspannen buiten zitten. Kapotte tuinstoelen mogen trouwens ook weg, er komen straks weer genoeg nieuwe aanbiedingen.

3.Ruim je hobbykamer op
Bekijk alles wat in je hobbykamer ligt eens kritisch (ook als je een hobbyhoek, -kast of –lade hebt). Welke projecten heb je deze winter weer niet afgemaakt? In de zomer komt het er in elk geval niet van en volgende winter wil je vast met iets nieuws beginnen. Doe onafgemaakte zaken de deur uit.

Kijk ook naar de hoeveelheid materialen die je hebt. Hoeveel kleuren wol, borduurzijde of papier heb je echt nodig? En hoeveel van elke kleur ga je gebruiken? Hoe minder kleuren, hoe meer je je creativiteit nodig hebt om iets leuks te maken.

4.Ruim je kledingkast op
Juist nu je winterkleding er nog hangt, is het tijd om na te gaan wat je deze winter weer niet hebt aan gehad. Als je een dikke trui deze winter niet hebt gedragen, dan gebeurt het waarschijnlijk nooit meer. Het was tenslotte koud genoeg. En als je toch bezig bent, kun je gelijk een paar achterhaalde kledingstukken voor de zomer weg doen. Die heb je nu een tijdje niet gezien en daardoor kijk je er fris tegenaan. Wees eerlijk, ga je ze nog dragen? Zo niet, doe ze weg.


Er zijn tegenwoordig genoeg plekken waar je je spullen kwijt kunt: winkels voor tweedehandsspullen, kledingcontainers voor een goed doel. En anders is het over zes weken Koninginnedag. Misschien kun je zelf wat spullen verkopen of heb je een buurmeisje of –jongen die dat voor je wil doen. Benut de komende weken om lekker ruim de lente in te gaan.

maandag 8 maart 2010

Vergeet je planning


Afgelopen week was zo’n week: oorspronkelijk goed gepland, een aantal klantafspraken en tijd om thuis aan andere dingen te werken. Maar wat gebeurt? De ene na de andere afspraak wordt afgezegd. Blijkbaar waart er weer een virus rond, want als mijn klanten zelf niet ziek zijn, dan hebben ze wel een ziek kind.

Wat te doen? Afspraken verzetten, uiteraard. Maar mijn plannen voor de week liggen danig in de war. Ook al zijn er goede redenen, het is nooit leuk als klanten afzeggen. Toch heeft het ook een goede kant. Ik heb tenslotte nog genoeg andere dingen te doen. Ik heb opeens een heleboel tijd.

Op mijn actielijst staan wat acties die ik al te lang uitstel: de boekhouding van 2009 afronden bijvoorbeeld. Niet leuk, wel noodzakelijk. En nu kan ik er niet meer onderuit, met al die tijd die ik heb. Ik heb nu echt geen enkele smoes meer om er niet mee aan de slag te gaan. Dus haal ik diep adem, pak ik mijn ordner en begin in transacties in te voeren.

Als ik eenmaal bezig ben valt het natuurlijk best mee. Ik zet er een muziekje bij op en eigenlijk gaat het sneller dan ik dacht. Als ik niet oppas krijg ik er nog plezier in.

Eigenlijk lucht het ook wel op. Ik wist al sinds eind vorig jaar dat ik dit moest doen en als het klaar is, kan mijn belastingadviseur tenminste aan de slag.

Dat is het gekke met klussen die je uitstelt: als je er eenmaal aan begint, dan valt het altijd mee. Je zag er zo tegen op dat de actie in je hoofd steeds groter en moeilijker wordt. Als je het dan uiteindelijk echt doet, dan is het lang zo ingewikkeld niet als je dacht en ben je blij dat je het gedaan hebt.

Je voelt je licht en krachtig, omdat je jezelf hebt overwonnen. Je kunt alles weer aan, ook afzeggende klanten en griepvirussen. Een minder leuke week, werd zo een prima week. Ik heb het gevoel dat ik heel veel gedaan heb. Nu ben ik weer helemaal klaar voor nieuwe klanten.

Ook last van uitstelgedrag? Wil je weten waarom je uitstelt? Wil je minder uitstellen en meer voor elkaar krijgen?

Kom op 17 maart naar de workshop Uitstelgedrag in Djoj, Rotterdam. Ga naar www.opgeruimdorganizing.nl om je in te schrijven.